ARV Achilles heeft geen onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte gemaakt door een man met autisme en PTSS geen aangepast lidmaatschap te bieden waarbij hij individueel op de atletiekbaan kan trainen.

ARV Achilles heeft geen onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte gemaakt door een man met autisme en PTSS geen aangepast lidmaatschap te bieden waarbij hij individueel op de atletiekbaan kan trainen.

Oordeelnummer 2022-20
Datum: 10-03-2022
Trefwoord: Sport Vereniging Handicap Doeltreffende aanpassing Aanbieden van of verlenen van toegang tot goederen en diensten Aanbieden goederen en diensten
Discriminatiegrond: Handicap of chronische ziekte
Terrein: Goederen en diensten - Overige
Regelingen: Wet gelijke behandeling handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) Artikel 5b WGBH/CZ Artikel 2 WGBH/CZ
Situatie

Een man is eerder lid geweest van ARV Achilles, een Atletiek- en recreatiesportvereniging. De vereniging heeft destijds besloten het lidmaatschap van de man niet te verlengen, nadat tussen hem en personen binnen zijn loopgroep onenigheid was ontstaan. De man heeft autisme en PTSS en stelt dat zijn gedrag destijds hiermee te maken had. Sinds augustus 2019 heeft hij een hulphond gekregen die hem op alle momenten van de dag begeleidt en ondersteunt. Het gaat nu veel beter met hem en daarom heeft hij aangegeven weer lid te willen worden van de vereniging. Vanwege zijn hond kan hij niet in een loopgroep trainen en daarom wil hij zelfstandig en individueel met zijn hond op de baan van de vereniging trainen. De vereniging heeft aangegeven dat hij geen lid mag worden en dat het niet mogelijk is om individueel op de baan te trainen.

Beoordeling

Als iemand met een beperking de vereniging vraagt om een doeltreffende aanpassing, dan moet de vereniging de aanpassing verrichten, tenzij het onevenredig belastend is. De man geeft aan dat hij als doeltreffende aanpassing een lidmaatschap wil waarbij hij individueel mag trainen op de atletiekbaan van verweerster. Een aanpassing is doeltreffend als deze geschikt en noodzakelijk is om iemand in staat te stellen om gebruik te maken van het goed of de dienst die de betreffende aanbieder van goederen en diensten aanbiedt.

Het College stelt vast dat de enige dienst die de vereniging aanbiedt bestaat uit het sporten en verzorgen van trainingen in groepsverband. Het College concludeert dat het verzoek om een aangepast lidmaatschap, waarbij verzoeker individueel mag trainen op het complex van verweerster, niet kan worden gezien als een doeltreffende aanpassing. De man zou daarmee geen toegang krijgen tot de dienst die verweerster aanbiedt, te weten het trainen in groepsverband. Het verzoek om een aangepast lidmaatschap komt neer op een verzoek aan verweerster om een nieuwe dienst aan te bieden. Het is niet aan het College om te bepalen welke dienst de vereniging wel en niet moet aanbieden. Er is daarom geen sprake van onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte, door verzoeker geen aangepast lidmaatschap te bieden waarbij hij individueel op de atletiekbaan kan trainen.

Oordeel

ARV Achilles heeft jegens de man geen verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte gemaakt.


Oordeel

2022-20

Datum: 10 maart 2022

Dossiernummer: 2021-0193


Oordeel in de zaak van

[. . . .]

wonende te [. . . .], verzoeker

tegen

Atletiek- en recreatiesportvereniging Achilles

gevestigd te Etten-Leur, verweerster


1 Verzoek

Verzoeker vraagt het College om te beoordelen of verweerster jegens hem verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte heeft gemaakt door hem het lidmaatschap te weigeren en door zijn verzoek om een doeltreffende aanpassing – bestaande uit de mogelijkheid om individueel te trainen op het complex van verweerder – te weigeren.


2 Verloop van de procedure

2.1 Het College heeft kennis genomen van de volgende stukken:

  • Verzoekschrift van 1 april 2021, ontvangen op dezelfde datum;
  • Verweerschrift van 15 november 2021;
  • Brief van verzoeker van 16 december 2021.

2.2 Het College heeft de zaak ter zitting behandeld op 13 januari 2022. Partijen zijn verschenen. Verzoeker werd bijgestaan door E. Bastiaanssen, klachtbehandelaar bij RADAR. Verweerster werd vertegenwoordigd door [. . . .], [. . . .], die werd vergezeld door [. . . .], [. . . .].


3 Feiten

Verzoeker heeft autisme en Post Traumatisch Stress Syndroom (PTSS). Verweerster is een Atletiek- en recreatiesportvereniging met ongeveer 700 leden die zich tot doel stelt het bevorderen en het doen bevorderen van de atletiek en recreatieve sporten, in welke verschijningsvorm dan ook. Leden binnen haar vereniging zijn lid van trainingsgroepen. Binnen de verschillende groepen wordt groepsgewijs getraind op bepaalde onderdelen, ook door (groepen) mensen met fysieke en psychische beperkingen. Verzoeker is eerder lid geweest van verweerster van 1 oktober 2016 tot en met 31 maart 2018. Verweerster heeft destijds besloten het lidmaatschap van verzoeker niet te verlengen, nadat tussen verzoeker en personen binnen zijn loopgroep onenigheid was ontstaan. Sinds augustus 2019 heeft verzoeker een hulphond gekregen die hem op alle momenten van de dag begeleidt en ondersteunt. Verzoeker heeft aangegeven weer lid te willen worden van verweerster. Verweerster heeft aan verzoeker meegedeeld dat het verzoek om een nieuw lidmaatschap niet wordt gehonoreerd en dat zij hem niet kan faciliteren om individueel te trainen.


4 Standpunt verzoeker

Verzoeker is in het verleden lid geweest van een loopgroep van de verweerster. Indertijd hebben zich enige conflictsituaties voorgedaan, al verschilt hij met verweerster van mening over de ernst daarvan. Het gedrag van verzoeker dat aanleiding vormde voor die conflicten vond zijn oorsprong in de toenmalige slechte psychische gezondheid van verzoeker. Sindsdien heeft hij verschillende behandeltrajecten gehad, waardoor het beter met hem gaat en hij heeft ook veel steun aan zijn hulphond. Daarom wil hij nu graag weer lid worden. Verweerster heeft hem nu echter geweigerd als lid vanwege de problemen in het verleden, die voortvloeiden uit zijn psychische aandoening. In verband met zijn hulphond is het voor verzoeker niet meer mogelijk om in een loopgroep te trainen. In de groep is er teveel afleiding voor de hulphond, die daardoor niet optimaal kan reageren. Bovendien mag alleen verzoeker instructies aan de hond geven, waardoor het problemen geeft als een trainer aanwezig is die instructies geeft. Verzoeker heeft gevraagd om een doeltreffende aanpassing, namelijk lidmaatschap om individueel te trainen samen met zijn hulphond waarbij hij gebruik kan maken van de faciliteiten van de vereniging, zoals de baan. Ook die mogelijkheid wil verweerster hem niet bieden.


5 Standpunt verweerster

Er is veel gebeurd in het verleden. Verweerster heeft in januari 2017 een gesprek gehad met verzoeker over zijn gedrag en heeft aangegeven dat het gedrag moest veranderen. Daarna kwamen er herhaaldelijk nieuwe klachten en is er zelfs een trainer opgestapt door het gedrag van verweerster. Daarom heeft verweerster besloten dat het lidmaatschap van verzoeker per 1 april 2018 eindigde. De weigering om verzoeker een nieuw lidmaatschap aan te bieden heeft enerzijds te maken met de gebeurtenissen in het verleden, maar anderzijds met het feit dat de mogelijkheid om individueel te trainen niet wordt aangeboden door verweerster. Individueel trainen past niet in de manier van sportbeoefening binnen de vereniging van verweerster. Die is er op gericht om groepsgericht activiteiten te ondernemen. Met name ook om veiligheidsredenen wordt er altijd getraind onder leiding van een trainer en mag niemand alleen trainen op de baan. Het is organisatorisch en technisch ook niet mogelijk om individuele trainingen aan te bieden. De verenigingsactiviteiten vinden met name in de avond plaats en dan is er geen ruimte om naast de groepstrainingen ook individuele trainingen toe te staan. Naast de atletiekactiviteiten wordt de accommodatie overdag gebruikt door een Sport BSO en er kan dan niet getraind worden.


6 Beoordeling

6.1 Een instelling die werkzaam is op het gebied van welzijn mag bij het aanbieden van of verlenen van toegang tot diensten geen onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte maken (artikel 5b, eerste lid, aanhef en onderdeel c, WGBH/CZ). Uit de wetsgeschiedenis van de AWGB blijkt dat met de term instelling wordt gedoeld op organisatorische verbanden die in de samenleving als eenheid optreden en die niet kunnen worden geacht een beroep of bedrijf uit te oefenen. Het begrip welzijn heeft onder andere betrekking op het terrein van de sport (Kamerstukken II 1990/91, 22 014, nr. 3, p. 21). Verweerster is een sportvereniging en haar handelen valt dan ook onder het bereik van artikel 5b WGBH/CZ.

6.2 Het verbod van onderscheid houdt mede in dat degene tot wie dit verbod zich richt, gehouden is al naar gelang de behoefte doeltreffende aanpassingen te verrichten, tenzij deze voor hem een onevenredige belasting vormen (artikel 2, eerste lid, WGBH/CZ). De verplichting om een doeltreffende aanpassing te verrichten, brengt mee dat een aanbieder van diensten verplicht is om te onderzoeken of de met een handicap of chronische ziekte samenhangende beperkingen die in de weg staan aan deelname, kunnen worden opgeheven door een of meerdere aanpassingen. Het is in beginsel aan de persoon met een handicap of chronische ziekte om aan te geven aan welke doeltreffende aanpassing hij of zij behoefte heeft.

6.3 Het College oordeelt dat verzoeker geen belang heeft bij de vraag of hem een standaard lidmaatschap geweigerd mag worden. Bij een standaard lidmaatschap zou verzoeker namelijk enkel in groepsverband kunnen trainen en hij heeft juist benadrukt dat dat vanwege zijn hulphond niet kan. Verzoeker heeft dan ook enkel belang bij een oordeel over de vraag of verweerster jegens verzoeker verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte heeft gemaakt door de weigering om hem een aangepast lidmaatschap te geven, waarbij hij individueel kan trainen en gebruik kan maken van de faciliteiten van verweerster, zoals de atletiekbaan. Deze vraag zal het College hierna dan ook beoordelen.

6.4 Verzoeker geeft aan dat hij als doeltreffende aanpassing een lidmaatschap wil waarbij hij individueel mag trainen op de atletiekbaan van verweerster. Eerder heeft verweerster verzoeken van anderen om individueel op de baan te mogen trainen afgewezen. Verzoeker vraagt dit aangepast lidmaatschap evenwel bij wijze van doeltreffende aanpassing in verband met een handicap of chronische ziekte. Het College overweegt dat een aanpassing doeltreffend is als deze geschikt en noodzakelijk is om degene met een beperking in staat te stellen om gebruik te maken van het goed of de dienst die de betreffende aanbieder van goederen en diensten aanbiedt.

6.5 Het College onderzoekt daartoe eerst wat de dienst is die verweerster aanbiedt. Verweerster heeft gemotiveerd gesteld dat de enige dienst die zij aanbiedt bestaat uit het sporten en verzorgen van trainingen in groepsverband. Zij vindt het belangrijk dat in groepsverband onder begeleiding van een trainer wordt getraind. De groepen vormen de kern van haar verenigingsleven en -activiteiten. De trainer is verantwoordelijk voor een goede begeleiding en veiligheid van de sporters.

6.6 Uitgaande van het aanbod van verweerster – het sporten en trainen in groepsverband - concludeert het College dat het verzoek om een aangepast lidmaatschap waarbij verzoeker individueel mag trainen op het complex van verweerster, niet kan worden gezien als een doeltreffende aanpassing. De gevraagde aanpassing is daarmee niet geschikt om wel mee te kunnen doen aan het sporten en trainen in groepen. Verzoeker zou daarmee dus geen toegang krijgen tot de dienst die verweerster aanbiedt. Het verzoek om een aangepast lidmaatschap komt neer op een verzoek aan verweerster om een nieuwe dienst aan te bieden. Zoals het College in andere zaken heeft overwogen, is het niet aan het College om te bepalen welke dienst verweerster wel en niet moet aanbieden. Het College oordeelt dan ook dat verweerster geen verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte heeft gemaakt, door verzoeker geen aangepast lidmaatschap te bieden waarbij hij individueel op de atletiekbaan kan trainen.


7 Oordeel

ARV Achilles heeft jegens [. . . .] geen verboden onderscheid op grond van handicap of chronische ziekte gemaakt.


Aldus gegeven te Utrecht op 10 maart 2022 door mr. dr. J.P. Loof, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. A.H. Pranger, secretaris.


mr. dr. J.P. Loof mr. A.H. Pranger

Samenvatting oordeel