Total Crew B.V. maakt verboden onderscheid jegens een man door hem op grond van zijn politieke overtuiging af te wijzen voor een scheepsfunctie.

Total Crew B.V. maakt verboden onderscheid jegens een man door hem op grond van zijn politieke overtuiging af te wijzen voor een scheepsfunctie.

Oordeelnummer 2022-70
Datum: 27-06-2022
Trefwoord: Behandeling bij de vervulling van een openstaande betrekking Gedetacheerde werknemers Sollicitatie Arbeidsbemiddeling Ontvankelijkheid Selectie Aangaan arbeidsverhouding Werving & selectie Uitzendarbeid Aanbieden betrekking Tijdelijke dienst Bedrijfsleven Politieke gezindheid
Discriminatiegrond: Politieke overtuiging
Terrein: Arbeid - Werving en Selectie
Regelingen: Artikel 1 AWGB Artikel 5 lid 1 AWGB Artikel 10 AWGB Algemene wet gelijke behandeling (AWGB) Artikel 10 lid 1 WCRM Wet College voor de rechten van de mens (WCRM)

Situatie

Een man werkt een aantal weken per jaar als kapitein en stuurman voor verschillende rederijen. Hij heeft ook als vrijwilliger op een schip van de Duitse NGO “Jugend Rettet” gewerkt. Deze NGO ondernam met een eigen schip zogenoemde “search and rescue” missies op de Middellandse zee, waarbij ze vluchtelingen die op zee in nood verkeerden redde.

Begin 2019 wordt de man door Total Crew B.V. (hierna: Total Crew), een uitzend- en payrollbureau voor bemanning van schepen, benaderd vanwege een openstaande functie. Total Crew neemt het CV van de man op in haar database en biedt hem een aantal keer een tijdelijke functie aan. Van 12 augustus 2019 tot en met 23 september 2019 is de man in dienst bij Total Crew en werkt hij als eerste stuurman voor een inlener.

Op 4 augustus 2020 stuurt de man zijn bijgewerkte CV naar Total Crew, omdat hij opnieuw een aantal weken voor Total Crew wil werken. Bij e-mail van 6 augustus 2020 wijst Total Crew de sollicitatie af met de tekst “We cannot hire you again”. Daaronder staat een link naar een Italiaans nieuwsartikel uit Venezia Today van februari 2017. Dit nieuwsartikel ging over een flashmob in Venetië, die door Italiaanse activisten georganiseerd was uit solidariteit met Jugend Rettet. In het artikel stond ook een citaat van de man, waarin hij kritiek uitte op een verklaring van de Maltese regering. Volgens het citaat hield de afgegeven verklaring onvoldoende rekening met de gevaarlijke situatie waarin migranten in Libië leven, en is de opvang in detentiecenters inhumaan. Naar aanleiding van de e-mail van 6 augustus 2020 hebben partijen telefonisch contact gehad.

Beoordeling

Total Crew voert als verweer dat het verzoek niet ontvankelijk is, omdat er geen sprake is van een politieke overtuiging. De wet stelt namelijk een aantal eisen aan een beschermde politieke overtuiging en daar zou niet aan voldaan zijn. Het College verklaart het verzoek echter ontvankelijk, omdat de opvatting van de man over vluchtelingen gekwalificeerd kan worden als een gemeenschappelijke opvatting omtrent de bestuurlijke en sociale inrichting van de samenleving. Daarbij is ook belangrijk dat de man deze uiting uitdraagt, niet alleen door zijn standpunten te delen in het nieuwsartikel van Venezia Today, maar ook door zijn vrijwillige betrokkenheid bij Jugend Rettet.

Volgens de man blijkt uit de e-mail van 6 augustus 2020 van Total Crew ondubbelzinnig dat de reden dat zijn sollicitatie werd afgewezen, gelegen was in het nieuwsartikel van Venezia Today. De uitlatingen in dit nieuwsartikel deed hij vanwege zijn politieke overtuiging. De e-mail van Total Crew bevat geen aanwijzingen dat er andere redenen waren om de sollicitatie van de man af te wijzen. Dit werd bevestigd in het tussen partijen gevoerde telefoongesprek van 6 augustus 2020, waarbij Total Crew verwees naar “bad things” die in het nieuwsartikel over de man staan.

Total Crew voert aan dat de politieke overtuiging van de man geen rol gespeeld heeft bij de afwijzing van de sollicitatie. Tijdens zijn tijdelijke werkzaamheden in 2019 functioneerde de man namelijk niet goed. Total Crew heeft dit onderbouwd met een verklaring van de kapitein die destijds op hetzelfde schip werkte als de man. Met betrekking tot het nieuwsartikel van Venezia Today stelt Total Crew dat haar medewerker de inhoud van het artikel, dat in het Italiaans geschreven was, onvoldoende onderzocht heeft. Zij ging ervanuit dat het gebrekkige functioneren van de man uit het artikel zou blijken. Volgens Total Crew moet het telefoongesprek van 6 augustus 2020 ook in die context worden gezien. 

De man weerspreekt dat hij niet goed gefunctioneerd heeft in 2019. Ook verschillen partijen van mening over de vraag wanneer de man op de hoogte gesteld is van de kritiek op zijn functioneren. Het College oordeelt dat de verklaring van de kapitein op zichzelf niet voldoende bewijs vormt voor de stelling van Total Crew dat de afwijzing in 2020 alleen te maken had met het gebrekkige functioneren van de man in 2019. Het verband tussen het vermeend slechte functioneren in 2019 en het toegestuurde nieuwsartikel van Venezia Today blijft ook onduidelijk.

Het College oordeelt dan ook dat Total Crew niet bewezen heeft dat de politieke overtuiging van de man geen rol heeft gespeeld bij het afwijzen van zijn sollicitatie. Naar het oordeel van het College heeft Total Crew daardoor direct onderscheid op grond van politieke overtuiging gemaakt. Het maken van direct onderscheid is verboden, tenzij een wettelijke uitzondering van toepassing is. Dat is hier niet het geval.

Oordeel

Total Crew B.V. heeft verboden onderscheid gemaakt jegens [. . . .] op grond van politieke overtuiging.


Oordeel 2022-70

Datum: 27 juni 2022

Dossiernummer: 2021-0659

Oordeel in de zaak van

[. . . .]

wonende te [. . . .], de verzoekende partij

tegen

Total Crew B.V.

gevestigd te Delfzijl, de verwerende partij

1        Verzoek

De verzoekende partij vraagt het College om te beoordelen of de verwerende partij verboden onderscheid op grond van politieke overtuiging heeft gemaakt door de verzoekende partij af te wijzen voor haar sollicitatie naar een scheepsfunctie.

2        Verloop van de procedure

2.1     Het College heeft kennis genomen van de volgende stukken:

  • verzoekschrift van 27 oktober 2021, ontvangen op 28 oktober 2021;
  • verweerschrift van 25 april 2022.

2.2     Het College heeft de zaak ter zitting behandeld op 17 mei 2022. Partijen zijn verschenen. De verzoekende partij werd bijgestaan door mr. T.J.R. van der Sommen, advocaat te Amsterdam. Voor haar was tevens J. Nieuwland, tolk Duits-Nederlands, aanwezig. De verwerende partij werd vertegenwoordigd door mr. W.F. Bos, advocaat te Assen, die werd vergezeld door [. . . .], directeur, en bijgestaan door [. . . .], crewmanager, en [. . . .], HR intercedent.

3        Feiten

3.1     De verzoekende partij heeft als kapitein en stuurman voor verschillende rederijen gewerkt. Daarnaast heeft zij als vrijwilliger gewerkt op een schip van de Duitse NGO “Jugend Rettet”. Deze NGO ondernam met een eigen schip zogenoemde “search and rescue” missies op de Middellandse zee, waarbij ze vluchtelingen die op zee in nood verkeerden redde.

3.2     De verwerende partij is een uitzend- en payrollbureau voor bemanning van schepen. Op 7 januari 2019 benaderde zij de verzoekende partij vanwege een openstaande functie. Naar aanleiding van dit contact nam zij het curriculum vitae van de verzoekende partij op in haar database. In de maanden daarna heeft zij de verzoekende partij een aantal keer een tijdelijke functie aangeboden. Van 12 augustus 2019 tot en met 23 september 2019 was de verzoekende partij in dienst bij de verwerende partij. De verzoekende partij werkte gedurende die periode als eerste stuurman voor een inlener.

3.3     Op 4 augustus 2020 stuurde de verzoekende partij desgevraagd een bijgewerkt curriculum vitae naar de verwerende partij, omdat zij opnieuw een aantal weken voor de verwerende partij wilde werken. Bij e-mail van 6 augustus 2020 liet de verwerende partij aan de verzoekende partij weten dat zij haar sollicitatie afwees. De verwerende partij verzond een e-mail met de tekst “We cannot hire you again”. Daaronder stond een link naar een Italiaans nieuwsartikel uit Venezia Today van februari 2017. Dit nieuwsartikel ging over een flashmob in Venetië, die door Italiaanse activisten georganiseerd was uit solidariteit met Jugend Rettet. In het artikel stond ook een citaat van de verzoekende partij, waarin zij kritiek uitte op een verklaring van de Maltese regering. Volgens het citaat hield de afgegeven verklaring onvoldoende rekening met de gevaarlijke situatie waarin migranten in Libië leven, en is de opvang in detentiecenters inhumaan.

3.4     Naar aanleiding van de e-mail van 6 augustus 2020 heeft de verzoekende partij met de crewmanager van de verwerende partij gebeld. Tijdens het gesprek heeft de crewmanager verwezen naar “bad things” die in het nieuwsartikel over de verzoekende partij geschreven waren.

4        Het standpunt van de verzoekende partij

De verzoekende partij stelt dat de verwerende partij haar gediscrimineerd heeft op grond van haar politieke overtuiging, door haar sollicitatie af te wijzen. Het citaat in het nieuwsbericht van Venezia Today geeft een opvatting van de verzoekende partij weer over de bestuurlijke en sociale inrichting van de maatschappij. Die opvatting bestaat uit solidariteit met migranten en vluchtelingen, en het propageren van een meer verwelkomende cultuur jegens hen. De verwerende partij heeft de beslissing om de sollicitatie van de verzoekende partij af te wijzen verklaard door te verwijzen naar het nieuwsbericht waarin die opvatting centraal stond. De crewmanager heeft dit vervolgens telefonisch aan de verzoekende partij bevestigd. De verwerende partij zou zich willen beschermen tegen mogelijke negatieve consequenties die klanten zouden kunnen verbinden aan de overtuiging van de verzoekende partij. Andere redenen voor de afwijzing van de sollicitatie heeft de verwerende partij niet gegeven.

5        Het standpunt van de verwerende partij

De verwerende partij betwist dat zij de verzoekende partij gediscrimineerd heeft op grond van politieke overtuiging. De standpunten van de verzoekende partij over vluchtelingen zoals tot uiting gekomen in het nieuwsartikel van Venezia Today zijn gelijk te stellen met een mening over een politieke kwestie. Dat is niet hetzelfde als een politieke overtuiging, want dat moet gezien worden als een gemeenschappelijke opvatting omtrent de bestuurlijke en sociale inrichting van de maatschappij. Het College zou de klacht dan ook niet-ontvankelijk moeten verklaren. Bovendien heeft zij de sollicitatie van de verzoekende partij in 2020 afgewezen omdat die niet goed functioneerde tijdens de verrichte werkzaamheden in 2019. Het nieuwsartikel van Venezia Today is de verwerende partij toegestuurd door de inlener waar de verzoekende partij in 2019 voor gewerkt heeft. De verwerende partij wist niet wat er in dit Italiaanse nieuwsartikel stond. De crewmanager van de verwerende partij ging er dan ook vanuit dat uit dit artikel zou blijken dat de verzoekende partij niet goed gefunctioneerd had.

6        Beoordeling

Kan het College over dit verzoek oordelen?

6.1     Het College kan een oordeel geven in deze zaak als de verzoekende partij aanspraak kan maken op de bescherming die de Algemene wet op de gelijke behandeling (hierna: AWGB) biedt en het terrein waarop de verwerende partij actief is, valt binnen de reikwijdte van deze wet (artikel 10, eerste lid, van de Wet College voor de rechten van de mens).

6.2     Het College gaat allereerst in op de vraag of de verzoekende partij in het onderhavige geval een beroep kan doen op de grond politieke gezindheid als bedoeld in de AWGB. Hiertoe overweegt het College als volgt.

6.3     Onder het begrip politieke gezindheid in de AWGB wordt verstaan een politieke overtuiging die kan worden afgeleid uit uitingen, lidmaatschappen en andere gegevens. Het begrip heeft volgens de wetgever geen andere betekenis dan in de grondwettelijke context (Kamerstukken II 1991/92, 22 014, nr. 5, p. 71; Kamerstukken II 1975/76, 13 872, nrs. 6 en 7). In het licht van die grondwettelijke context moet het gaan om een gemeenschappelijke opvatting omtrent de bestuurlijke en sociale inrichting van de samenleving. Hieraan kan op verschillende manieren uiting worden gegeven (zie onder meer College voor de Rechten van de Mens 11 november 2019, 2019-116, overweging 6.7 en College voor de Rechten van de Mens 22 juli 2013, 2013-94, overweging 3.7).

6.4     De verzoekende partij definieert haar politieke gezindheid als ‘solidair met migranten en vluchtelingen en strevend naar een meer verwelkomende cultuur jegens hen’ en geeft aan dat zij vanuit deze visie op de samenleving handelt. Het College stelt vast dat de verzoekende partij haar standpunt over migranten en vluchtelingen onder andere naar voren gebracht heeft in het nieuwsartikel in Venezia Today. Het College oordeelt dat dit geen eenmalige uiting is, gezien de werkzaamheden die de verzoekende partij verricht voor organisaties die zich solidair tonen met migranten en vluchtelingen. Uit de betrokkenheid van de verzoekende partij bij de organisatie Jugend Rettet blijkt eveneens een zekere gemeenschappelijkheid van deze visie op de samenleving. Voor zover de verwerende partij stelt dat de uitingen in het nieuwsartikel enkel een mening weergeven over een politieke kwestie, overweegt het College dat deze uitingen in de context van het gehele nieuwsartikel, evenals tegen de achtergrond van het verrichte vrijwilligerswerk, gezien moeten worden. De verzoekende partij kan dan ook een beroep doen op de bescherming van de AWGB.

6.5     In artikel 5, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de AWGB, gelezen in samenhang met artikel 1 van de AWGB, is bepaald dat het verboden is om onderscheid te maken op grond van politieke overtuiging bij de vervulling van een openstaande betrekking. Hieronder valt ook de afwijzing van een sollicitatie. Het College toetst de voorliggende vraag aan dit wettelijk kader.

6.6     Op basis van de bewijslastverdeling tussen partijen is het aan de verzoekende partij om feiten aan te voeren die onderscheid kunnen doen vermoeden (artikel 10, eerste lid, van de AWGB). Slaagt zij daarin, dan is het aan de verwerende partij om te bewijzen dat zij niet in strijd met de AWGB heeft gehandeld.

Zijn er voldoende feiten aangevoerd die onderscheid op grond van politieke overtuiging kunnen doen vermoeden?

6.7     De verzoekende partij voert aan dat uit de e-mail van 6 augustus 2020 van de verwerende partij ondubbelzinnig blijkt dat de reden dat haar sollicitatie werd afgewezen, gelegen was in het nieuwsartikel van Venezia Today. De uitlatingen van de verzoekende partij in dit nieuwsartikel zijn in het kader van haar politieke overtuiging gedaan. De e-mail van de verwerende partij bevat geen aanwijzingen dat er andere redenen waren om de sollicitatie van de verzoekende partij af te wijzen. Dit wordt bevestigd in het tussen partijen gevoerde telefoongesprek van 6 augustus 2020, waarbij verwezen werd naar “bad things” die in het nieuwsartikel over de verzoekende partij staan. Deze bewoordingen worden door de verwerende partij niet betwist en zijn daarmee vast komen te staan. Het College oordeelt op grond hiervan dat de verzoekende partij feiten heeft aangevoerd die onderscheid op grond van politieke overtuiging bij de afwijzing van de sollicitatie kunnen doen vermoeden.

Bewijst de verwerende partij dat zij geen onderscheid op grond van politieke overtuiging gemaakt heeft?

6.8     De verwerende partij heeft als bewijs dat de politieke overtuiging van de verzoekende partij geen rol speelde bij de afwijzing van de sollicitatie het volgende aangevoerd. Tijdens de inlening in 2019 functioneerde de verzoekende partij niet goed. De verwerende partij heeft dit onderbouwd met een verklaring van de kapitein die tijdens de inlening op hetzelfde schip werkte als de verzoekende partij. Met betrekking tot het nieuwsartikel van Venezia Today stelt de verwerende partij dat de crewmanager de inhoud van het artikel onvoldoende onderzocht heeft. Zij ging ervanuit dat het gebrekkige functioneren van de verzoekende partij uit het artikel zou blijken. Volgens de verwerende partij moet het telefoongesprek van 6 augustus 2020 eveneens in die context gezien worden. 

6.9     Het College overweegt dat partijen van mening verschillen over het functioneren van de verzoekende partij tijdens de inlening in 2019. Partijen verschillen eveneens van mening over de vraag wanneer de verzoekende partij op de hoogte gesteld is van de kritiek op haar functioneren. De verwerende partij heeft haar standpunt over het gebrekkige functioneren van verzoeker onderbouwd met een schriftelijke verklaring van de destijds dienst doende kapitein. Deze verklaring is opgesteld na het instellen van de procedure bij het College. Het College oordeelt dat deze verklaring op zichzelf niet voldoende bewijs vormt voor de stelling van verweerder dat de afwijzing in 2020 alleen te maken had met het gebrekkige functioneren van verzoeker in 2019. In dit verband kent het College gewicht toe aan het feit dat het gestelde disfunctioneren van de verzoekende partij klaarblijkelijk niet van zodanige aard is geweest dat de verwerende partij daarover in 2019 iets schriftelijk heeft vastgelegd. Het College stelt ook vast dat het verband tussen het vermeend slechte functioneren in 2019 en het toegestuurde nieuwsartikel van Venezia Today, dat immers uit 2017 stamt, onduidelijk blijft.

6.10    Het College oordeelt op grond van het bovenstaande dat de verwerende partij niet bewezen heeft dat de politieke overtuiging van de verzoekende partij geen rol heeft gespeeld bij het afwijzen van haar sollicitatie. Naar het oordeel van het College heeft de verwerende partij daardoor direct onderscheid op grond van politieke gezindheid gemaakt. Er is sprake van direct onderscheid indien een persoon op grond van politieke gezindheid op een andere wijze wordt behandeld dan een ander in een vergelijkbare situatie wordt, is of zou worden behandeld.

6.11    Het maken van direct onderscheid is verboden, tenzij een wettelijke uitzondering op het verbod van toepassing is. Gesteld noch gebleken is dat dit het geval is. Daarmee stelt het College vast dat de verwerende partij jegens de verzoekende partij verboden onderscheid op grond van politieke overtuiging heeft gemaakt bij het afwijzen van haar sollicitatie.

7        Oordeel

Total Crew B.V. heeft verboden onderscheid gemaakt jegens [. . . .] op grond van politieke overtuiging.

Aldus gegeven te Utrecht op 27 juni 2022 door mr. dr. J.P. Loof, voorzitter, mr. dr. G. Cornelisse, en mr. R. Grimbergen, leden van het College voor de Rechten van de Mens, in tegenwoordigheid van mr. H. Jans, secretaris.

mr. dr. J.P. Loof      

mr. H. Jans

Samenvatting oordeel